De nacht was doodstil. Waar je in Zwitserland een constante hum had van de autoweg, vliegveld en spoorbaan in het dal, daar had je op onze huidige locatie in het geheel geen last van. Hoogstens het gekrabbel van eekhoorntjes en gefluit van vogels, maar die hoor je ’s nachts ook niet.
De dag was een beetje bewolkt en we zouden naar het dal lopen naar Bad-Ems en daar een bergbahn naar een restaurant nemen. Of dit voor mij ging lukken was nog niet helemaal duidelijk, daar het naar beneden lopen niet geheel pijnloos was en inmiddels een behoorlijk bloeduitstorting zichtbaar was die zich donkerrood en blauw langzaam liet zakken naar mijn knie holte. De belofte dat ik met de auto gehaald zou worden als ik zou stranden was een stimulans om toch door te lopen. Na een half uur lopen waren bij de bergbahn. Deze was eigenlijk gewoon een lift die op een helling was gebouwd. Het toestel was onbemand en kaartjes konden we kopen bij een automaat. We moesten even wachten, maar uiteindelijk bracht het redelijk moderne vervoersmiddel ons in een paar minuten boven. Daar hebben we een tijdje op het terras gezeten en vandaar uit zijn we via een kleine omweg op de top weer naar beneden gegaan. Vandaar uit gingen Larissa en Joost met de kinders naar boven, want die waren het er toch niet helemaal mee eens en dit werd kenbaar gemaakt door een constant huilen. Jet, Sabine en ik zijn verder gelopen, hebben het stadje bekeken en hebben ons van een lekker ijsje voorzien. Vandaar uit zijn we terug gaan lopen, alleen had ik een pad gevonden langs een paar geocaches en dan hoefde we tenminste niet langs rijweg te lopen.
Het pad begon in een parkeergarage. Allereerst moesten we 10 trappen op en vandaaruit via een brug kwamen we op de helling. Eerst passeerde we een Höhle die bestond uit een aantal gaten in de berg. Hier vonden we de eerste cache. Vandaar uit ging het naar de top alwaar zich een toren bevond en een gasthaus. Sabine had een stop nodig, maar bij aankomst bleek die dicht te zijn. Larissa is uiteindelijk met de auto daar naartoe gereden. Jet wilde ook mee, maar daar mijn been helemaal geen problemen meer gaf, zijn we toch verder gaan lopen. Na de cache in de toren zou er ook nog een onderweg te vinden zijn. Het pad leidde ons door bos en uitgestrekte weilanden en van de bebouwing die toch niet ver weg was, was niets meer te zien laat staan te horen. Na een uur lopen waren we weer terug bij het huis.
Voor de avond hebben Joost en ik ons voorzien van een aantal flesjes bier die door beide niet eerder gedronken was. Deze vonden we in een drankhandel die zo groot was als een half voetbalveld.
Die avond heb ik naast het testen van bier me ook bezig gehouden met het testen van de Jacuzzi en daarna niet te laat naar bed, want we zouden de volgende dag vroeg vertrekken.
