Dublin.
Niet te vroeg willen op staan, maar de deuren van die hotels vallen zo hard dicht, dat je iedere keer wakker schrikt. Er zitten drangers op, maar geen rubber kussentjes of iets dergelijks, dus hout op hout geeft een klap! Hmmmm.
Het ontbijt was goed. Je kon alles naar eigen wens op scheppen en was, zoals in het vorige hotel, niet afhankelijk van de schep technieken van een “kok”.
We konden kiezen uit een reis naar het centrum per bus of trein. De bus was langer onderweg, maar de trein verder lopen. Iets verder lopen dus. De trein bleek 20 hele centen goedkoper en stopte onderweg maar zes keer alvorens in het centrum te arriveren.
Dublin is na het lopen door het centrum als een niet bijzondere stad te documenteren. Wellicht is het ’s avonds een ander verhaal, maar overdag is het gewoon een stad, met winkels, veel verkeer en toeristen, waar wij er natuurlijk ook twee van waren. We hebben wel rond gelopen in een mooi winkelcentrum/passage, want het regende. Niet hard, maar van dat miezerspul dat overal tussen gaat zitten. Gaat niet snel, maar je wordt gestaag nat, zal ik maar zeggen.

Vooral de klok verwerkt in de overkapping van het winkelcentrum is al leuk.

Van daaruit zijn we doorgelopen met hier en daar een oponthoud bij winkels richting de Guinness Storehouse. Onderweg kwam ik een beeld tegen van Luke Kelly een banjonist van de Dubliners. Voor zover dat de lezer wat zegt. Het was nog een hele wandeling naar de Guinness storehouse en daar aangekomen stond het redelijk zwart van de mensen die met busladingen vol werden aangevoerd. Wat
ik al dacht bleek de waarheid. De Guinness storehouse is een ervarium alwaar niet meer echt gebrouwen wordt. Met z’n tweeën binnenkomen kosten naast wat moeite ook nog 50 euro en met gepastte bedenkingen begon ik aan de tour. Uiteindelijk viel het mee, daar er toch wel leuke filmpjes te zien waren. Met name die van het ambachtelijk produceren van een houten biervat. Bovenaan gekomen, de tour leidde ons van verdieping naar verdieping van dit etablissement, vonden wij buffet alwaar zijn Steak in Guinness stew werd geserveerd. We besloten hier te eten en meteen onze vouchers voor een gratis biertje te verzilveren. Daar Jet niets wilde, zijn beide vouchers verzilverd voor een glas Guinness Stout, zodat ik er twee had bij het eten.
Na deze uitgebreide dis en mezelf gelaafd heb aan de nectar uit Dublin, hebben wij het pad weer verlaten en zijn langzaam maar zeker weer richting het station gaan lopen.
Het spoor waarop onze trein zou vertrekken was snel gevonden alleen konden we niet op het perron komen, daar onze kaartjes niet werkte. Gelukkig zat er aan de zijkant van alle poortjes een heerschap die ons via een speciaal poortje toegang verschafte nadat hij onze kaartjes op echtheid en waarde had geschat.
Daar het tegen vijven liep was de trein naar verwachting behoorlijk vol. We hebben dus de afstand van wel 9 km en dito haltes staande moeten overbruggen. In Coolmine aangekomen was het nog een kwartiertje lopen en we waren terug bij het hotel.
