Categorie archieven: Vakantie 2015

Vakantie 2015 in Oostenrijk

Maandag, 29 juni 2015

Na de lange wandeling van gisteren zou dit weer een rustdag worden. Ik ben pas om half negen opgestaan en lekker in het zonnetjes voor de tent gaan zitten met een kop koffie en een boek.

De ochtend trok langzaam voorbij en in de middag zijn we weer naar GroẞArl gereden voor de boodschappen en de overgebleven caches in de buurt. De eerste was Europatisch een soort ronde tafel met stoelen er omheen gemaakt van beton het geen een gedenkteken te zijn voor een of andere pief van Scouting. Deze was heel simpel en van daaruit gingen we naar Bach. Deze was verstop in een voetgangersbrug en was ook snel gevonden door Henriëtte. Vervolgens gingen we naar Hüttschlag alwaar een cache verstopt zou zijn bij een Klettersteig. Aangekomen bij de Steig bleek de GPS richting de klimwand te wijzen, dus hebben we deze maar over geslagen. Bij aankomst op de camping heb ik de beschrijving van deze cache gelezen en hieruit blijkt dat deze ook langs de andere kant te bereiken is. Leuk voor een volgend keer dus.

In de middag hebben we gesproken met het camping hoofd onder andere over het skipisten beleid van het dal (zie de vorige dag) Vervolgens kwam de tijd op de wegwijzers ter spraken en hier vertelde zij dat de wandeling naar een stuwmeer dat volgens de bordjes meer dan vier uur duurt door haar en haar man in twee uur wordt gelopen. Dit opent perspectieven daar er in de buurt dan ook vier caches zijn te vinden. Morgen gaan we ons aan die wandeling wagen en kijken of we deze wellicht in drie uur kunnen afronden.

De rest van de middag werd gebruikt voor meer lezen en zitten in het zonnetjes en een berisping van het campinghoofd, daar we door ongemaaid gras gelopen hadden om bij een vijvertje te gaan kijken.

Zondag, 28 juni 2015

Vandaag zouden we weer een wandeling gaan maken en wel naar de Gersreitalm Daar zou een cache liggen. De weg die ons naar het beginpunt zou leiden was vanuit GroẞArl. Direct buiten deze plaats zou een Geocache liggen en daar zijn we dus eerst heen gereden. In eerste instantie zijn we gaan zoeken, maar toen het bleek dat we deze zo 123 niet konden vinden zijn we toch de Hints maar even gaan lezen. Dit bleek een foto te zijn van de vangrail die aldaar rond een klein riviertje stond. Deze hebben we over de volle lengte van onder tot boven onderzocht, maar de cache was niet te vinden. Het viel ons meteen van het begin op dat deze rail gloednieuw was en dat de cache bij het vernieuwen dus zou zijn verdwenen. Na een gesprek met een Oostenrijker die ook aan het zoeken was bleek dat er in het logboek van deze cache al een paar weken wordt gesproken dat de cache vermoedelijk verdwenen is tezamen met de oude rail.

Vervolgens zijn we de bergen in gereden naar de parkeerplaats vanwaar we zouden gaan lopen. Na een heel stuk over smalle, doch goed berijdbare wegen kwamen we bij de parkeerplaats aan. Althans het was een vlak stuk berm alwaar reeds meer auto’s geparkeerd stonden. Er was nog plaats genoeg voor ons voertuig, dus na het verwisselen van het schoeisel kon de wandeling beginnen. In eerste instantie leidde de weg richting een berghut Gersreitalm. De wandeling daar naartoe ging zo snel dat we daar snel aankwamen. Volgens de bordjes zou het een wandeling moeten zijn van zo’n 1,5 uur maar binnen het uur waren we daar reeds aanwezig. Na zo korte pijniging van de been spieren was er nog geen behoefte aan een versnapering dus hebben we de elektronische kaart geraadpleegd. Hierop bleek dat er richting een andere berghut een cache zou zijn, dus zijn we aan die wandeling begonnen. Halverwege dit pad doemde er een grote steen op en de GPS piepte om aan te geven dat we gearriveerd waren. De steen werd meerdere malen gerond en uiteindelijk ontdekte we een kleine container. Deze werd gelogd. Vandaar uit besloten we door te lopen naar de volgende berghut Saukaralm. Dit was een zeer makkelijke weg zonder noemenswaardige stijgingen en afdalingen.

We zijn daar dus ook niet gestopt voor een versnapering maar in plaats daarvan het pad naar de Saukarkopf op gegaan. Dit pad was zeer steil maar met wat korte rustpauzes prima te lopen. De tijd van 1 uur volgens de bordjes bleek 40 minuten te zijn. Aan het begin van het pad was een afslag die naar een Klettersteig liep. Dit betekend klimmen, dus dat pad werd genegeerd. Toen we eindelijk boven kwamen werden we vrijwel gelijktijdig vergezeld door een jongeling die buitenadem boven op de Saukarkopf neer plofte. Hij bleek de Klettersteig wel genomen te hebben. Wij zijn gaan zoeken naar de cache en ook die werd snel gevonden. Deze container was groot genoeg, dus hier werd de travelbug die we vanuit Nederland meegenomen hadden achter gelaten, heeft deze aardig wat kilometers op het conto staan.

Na lang van het uitzicht te hebben genoten zijn we weer gaan afdalen. De jongeling kwam ons al snel voorbij, daar hij het hardlopend deed. Toen hij een stuk verder was, hoorden wij de alarmpiepen van vermoedelijk Mörmeltieren. Wat we ook keken, de beesten waren niet zichtbaar. Wel zagen we de jongen van zijn pad afwijken en kijken. Toen we beneden waren deelden wij het bijna volledig verlaten terras van de Saukaralmhütte met hem. De vraag aan hem of hij het Mörmeltier gezien had bevestigde hij positief. Hij zij dat hij het dier op twee meter afstand gezien had. Helaas niet door ons.

Na een versnapering heb ik nog even met de eigenaar van de Hütte van gedachten gewisseld. Zepp, zo heet de man, vertelde ons dat de skipisten in dit dal zijn zoals ze zijn. Er wordt verder geen natuur meer opgeofferd voor meer pisten en kabelbanen. (Later beaamde het camping hoofd dit overigens)

De wandeling vanuit de hut liep over een zeer steil pad met hier en daar wat officiële afsnijpaadjes. De anderhalf uur volgens de bordjes was dan ook iets minder dan een uur voordat we weer bij de auto aankwamen. Toen we naar beneden reden besloten we om meteen door te rijden naar de camping en de laatste cache in deze omgeving maar te laten voor een andere keer.

De avond bestond uit varkenslapjes met grote zeer groene erwten.

Het werd snel koud, zodat we na tien uur al in bed lagen.

Zaterdag, 27 juni 2015

Ik wordt wakker van het irritante gesnerp van een brommer. Mijn horloge gepakt en het bleek iets na ene te zijn. Veel te vroeg, dus mezelf omgedraaid.

Ik wordt wakker van het irritante gesnerp van een kind. Mijn horloge gepakt en het bleek iets na zessen. Veel te vroeg, dus mezelf omgedraaid. Na vele malen wakker te zijn geworden van het gejammer en gejeremieer van Leon, deze naam is zo vaak genoemd door de ouders dat ik er maar vanuit ga dat hij het was, keek ik maar weer eens op mijn horloge. Half acht. Jet kwam tot mijn verbazing als eerste in beweging met de woorden dat het al na negenen was. He! Mijn horloge bleef volhouden dat het half acht was. De eerste tijd van de ochtend werd doorgebracht met de grote vraag wat er met mijn horloge aan de hand was. Uiteindelijk kwam ik tot de ontdekking dat deze in de verkeerde tijdzone stond. Deze heb ik goed gezet en vervolgens heeft het nog zeker een paar uur geduurd alvorens de wijzers de goede stand aangenomen hadden.

De buren waren tussen het sussen van de kinderen door inmiddels hard bezig met het inpakken van hun tent en bagage en nadat we terug kwamen van  een douche waren de buren verdwenen en was alleen het platte gras nog een aanwijzing dat er kort daarvoor nog een tent had gestaan. Tijdens de koffie kwam het campinghoofd ons registratie formulier brengen en gaf meteen aan dat het niet zo’n goed idee was geweest nog een tent direct naast die van ons, maar de ex buren hadden niet op de geadviseerde plaats willen staan. Nu zetten de boerin de afrastering in de vorm van schrikdraad zodanig neer dat de plaats van de ex buren niet meer gebruikt zal worden.

Intussen was het zacht gaan regenen en besloten we om inkopen te gaan doen in St. Johan am Ponau en vervolgens een plek te zoeken waar er internet was. De inkopen werden gedaan in een Spar. In de sportwinkel ernaast werden twee stokken gekocht voor het bergwandelen en het internet werd gevonden bij een McDonalds. Nadat Jet bijgepraat had met het thuisfront en we tevens een foto te zien kregen van de naakte hechtingen in de hand van Sabine hebben we nog de nodige Geocaches verzameld waarna we weer richting Stockham reden. De rest van de dag werd doorgebracht in en om de tent afgewisseld door de regen. Saai, maar dit is het moment om eens flink op te schieten in een boek. ’s Avonds werd er niet met auto’s geracet, maar werd er door de jeugd aan vuurspuwen en weet ik wat nog meer gedaan. Naar mijn idee waren zij aan het oefenen, want er werd aardig in gevolhard.

Morgen gaan we weer de bergen in ergens in de buurt van GroẞArl

Welterusten.

Vrijdag, 26 juni 2015

Het was een zeer rustige nacht en de volgende dag begon voor mij om half acht. Het was licht, maar op het eerste gezicht niet zonnig. Ik heb me dus maar omgedraaid. Veel later, dacht ik, werd ik weer wakker. Volgens mijn horloge kwart over negen. Ik ben maar opgestaan en heb mijn hoofd uit de tent gestoken om tot de ontdekking te komen dat de lucht strak blauw was, maar dat de zon nog niet over de berg heen scheen. Nogmaals op mijn horloge gekeken en hieruit bleek dat ik deze eerder vermoedelijk scheef gehouden had, want het was niet kwart over negen, maar kwart over acht. Toch maar uit bed gebleven. Ik maakte tijd voor het ontbijt en koffie. Kort daarna kwam ook Jet uit bed en intussen begon de zon langzaam over de bergrand heen te schijnen en was de helling aan de overkant van het dal reeds door zon overgoten. Na een kort bezoek aan het sanitair bleek de zon nu snel terrein te winnen en ook het kampterrein baadde nu in het zonlicht.

Na het ontbijt hebben we ons braaf gemeld bij het campinghoofd en zij adviseerde ons om voor de eerste wandeling naar een van de twee hutten direct boven de camping te wandelen. Dit was een wandeling van anderhalf uur en dat is net leuk als inkomer.  Boven aangekomen hadden we de keuze in twee berghutten. Daar de meeste wandelaars voor de hoogste hut kozen namen wij dus de lager gelegen hut. Het grote terras was gevuld met een wandelaar en er was dus keuze genoeg waar we konden zitten. Na enige tijd kwam de goed gevulde eigenaresse (bijzonder corpulent) vragen wat we wilde gebruiken. Koffie, hete chocolade en daarbij een stuk pruimenkoek die ze kort daarvoor gebakken had. Het alles smaakte uitstekend en daarna zijn we weer naar de camping afgedaald. Doordat we zo vroeg waren gaan lopen, waren we rond één uur weer op de camping. Dit zijn we natuurlijk niet gewend daar we met de kinderen altijd ergens rond het middaguur de bergen in gingen.

Na een kleine lunch zijn we het dal maar verder ingelopen tot de eerste See. Daar hebben we wat rondgekeken, heel wat forel gezien en bovendien een behoorlijk grote groep vliegvissers die we zo nu en dan betrapte op het ophalen van een forel, die overigens daarna weer vrijgelaten werd.

We zijn vervolgens weer terug gewandeld en rond drie uur waren we weer op de camping.

Intussen was er een Duitse familie gearriveerd die de tent direct naast die van ons gezet had. Had ik de vorige dag nog gevraagd aan de mensen naast ons of we niet te dichtbij stonden, stond en een behoorlijk grote tent tussen. Deze tent werd bevolkt door onder andere twee kleine kinderen. In eerste instantie geen probleem, daar ze diezelfde dag nog de bergen in vertrokken. Tegen de avond kwamen ze weer terug en was de camping levendig met de aanwezigheid van kleine kinderen. Later rond acht uur vonden de ouders dat het bedtijd was en na het gezamenlijk zingen van een, volgens mij, avond gebed werden gemaand om te gaan slapen. De oudste, Leon genaamd, had vermoedelijk andere ideeën over de avond en verzette zich hevig. Het gekrijs ging uiteindelijk door merg en been en net nadat we in staat waren om de tenten te gaan verschuiven werd het rustig. Het geheel heeft overigens wel zo’n anderhalf uur geduurd. Jet en ik zien het nog even aan. Vermoedelijk zijn ze hier alleen voor het weekend, daar de eerste dag meteen gebruikt werd voor een straffe wandeling. Zo niet, dan gaan wij maar een ander plekkie zoeken.

Welterusten.

Donderdag, 25 juni 2015

De dag begon voor mij om drie uur. Ik werd wakker van een hardloper die langs het meer aan het joggen was. Ik dacht nog: Hij is aan het trimmen alvorens aan de werkdag te beginnen, maar de blik op mijn horloge maakte een eind aan deze illusie. Wat het wel was, weet ik niet en eerlijk gezegd interesseert het mij ook niet, want snel daarna sliep ik weer, denk ik.

Ik werd wakker rond zeven uur. Er werden autodeuren dicht geslagen en er reed een auto weg. De buren dus, dat was namelijk de enige auto die verder dan ons op de camping stond. Ook dit keer draaide ik me weer om en kort daarna, rond half negen, werd ik weer wakker, alleen was het nu Jet die bezig was om zichzelf aan te kleden. Kortstondig heb ik me nog even omgedraaid en daarna ben ik ook opgestaan.

Een ochtend toilet, ontbijt en een straffe bak koffie later hebben we het kampement opgebroken en weer een half uur later reden we de camping af.

Gewapend met twee flessen water liepen we tien minuten later het bos in alwaar die Geocache met die pijpjes zich bevond. Snel werd een liter water in de pijp geschonken zonder enig resultaat, maar toen Jet op de slang blies kwam de gehele water voorraad in een keer in het andere pijpje omhoog samen met het filmkokertje. Ik kon deze nu makkelijk pakken en konden we de cache loggen.

Rond elf uur reden we de autobahn op richting Nürnberg.

Het eerste en laatste gedeelte op de autobahn was zeer onrustig. Op vele gedeelte kon ik tussen de 140 en 160 km/u door kachelen maar op sommige gedeelte kwam het geheel tot stilstand en was de gemiddelde snelheid maar 20km/u

Uiteindelijk kwamen we bij de afslag Inzell uit en daar zijn we de autobahn af gegaan. Dit omdat rustiger rijden prettiger was, daar de laatst 100km een continu gewissel was tussen 120 en 20km/u, maar belangrijker, omdat ik geen autobahnfignet van Oostenrijk heb en dus binnendoor naar Hüttschlag wilde rijden. In eerste instantie zaten we continu achter auto’s aan uit het Duitse “H” die 40 tot 60km/u wel snel genoeg vonden. Na vele kilometers kon ik en de Oostenrijker voor me deze eindelijk passeren en werd er eindelijk een beetje doorgereden. Je mag tenslotte in Oostenrijk 100km/u buiten de bebouwde kom.  Na vele snelle en langzame wegen en tunnels reden we uiteindelijk het dal in alwaar onze camping zicht bevindt. De wegen waren zeer smal en slecht zodat er niet echt werd opgeschoten. Toch waren we rond vier uur op de camping die in instantie verlaten bleek. Na rondkijken ontdekte ik een camper met daarvoor een Duitser. Ik sprak hem aan en in al zijn vriendelijkheid werd ik gerust gesteld dat de boerin inkopen aan het doen was. We hebben dus de auto voor een veldje gezet alwaar al een andere tent stond en zijn daar op onze camping stoelen gaan zitten. Lekker in het zonnetje. Na een uur kwam er een vriendelijk dame onze richting uit lopen en dat bleek de camping eigenaresse te zijn. Het plekje waar we ons bevonden, mochten we gebruiken en ze zou ons de volgende dag wel zien voor de administratieve handelingen. We moesten ons eerst maar even nestelen.

Het kampement stond zoals gewoonlijk binnen een half uur, dus zijn we daarna naar een winkel gegaan voor inkopen. We moesten hiervoor wel 15km terug rijden.

De maaltijd bestond uit linzen met een lekker stukje varkensvlees. Daarna zijn we even gaan kijken wat voor wandelingen hier mogelijk zijn. Nabij de omgevingskaart stond ook het logo van Hohe Tauern. Dit gebied blijkt dus het zelfde natuurpark als de Gross Glockner alwaar we al meerder malen geweest zijn, al is dat twee dalletjes en passen verder.

De rest van de avond hebben we ons verwonderd over hoe de plaatselijk jeugd zich hier vermaakt. Met een snelle Audi en VW werd er over het met grind geplaveide parkeerplaats aan de overzijde van de camping gecrost het geen een stofwolk ontwikkelde die zeker een uur bleef hangen. Ze zijn daarna onder het genot van luide muziek, hetgeen bij ons als een soort zachte hum werd ontvangen, gaan hangen en net toen we ons begonnen af te vragen of ze morgen niet naar school moeten reden ze om half elf weg.

Tijd voor tanden poetsen en slapen.

Woensdag, 24 juni 2015

De dag begon rustig en ergens rond negen uur. Geen haast was het motto en dus werden de spullen in alle rust verzameld en centraal rond en op de eettafel opgestapeld. Alvorens de gehele verzameling in de auto te laden heb ik eerst van de gelegenheid gebruik gemaakt om de auto grondig te reinigen met de stofzuiger waarna de zaken stuk voor stuk in de auto verdwenen. Het afdekzeil boven de bagageruimte kon gewoon gesloten worden en ook de achterbank werd vol gezet maar het geheel kwam niet boven de hoofdsteunen uit. Toen alles in de auto was geladen, werd ik nog gewezen op de campingtafel, welke zich stiekem achter de bank had verstopt. Waar moest ik deze laten? Tot mijn grote verbazing paste deze gewoon op het afdekzeil van de bagageruimte zodanig dat deze achter de hoofdsteunen bleef. Prettig te weten dat deze bij een eventuele aanrijding niet met hoge snelheid door de voorruit naar voren vliegt, om maar te zwijgen over het gene dat deze tafel op zijn weg tegen komt.

Rond kwart voor tien rede we weg uit Leiderdorp, uitgezwaaid door Sabine. Madelon was reeds eerder vertrokken naar haar werk.

Onze eerste etappe bestond uit een reis naar Duiven alwaar we koffie zouden gaan drinken bij Andrea en Paul. Daar kwamen rond elf uur aan en na een gezellig samen zijn, zijn we van daaruit doorgereden Duitsland in. De rit leidde ons via de Sauerlandroute naar Frankfurt en van daaruit richting Nürnberg. Na vele wegwerkzaamheden en stukken Stau bereikte wij een benzine station voorbij Würzburg. Het was even schipperen tussen al de wegwerkzaamheden door maar uiteindelijk vonden we de weg die ons naar het tankstation zou leiden. Helaas stond er op de weg een dame in Polizei uniform met een roze ijsje naar ons te wenken dat we een fuik in moesten rijden. Wat krijgen we nu weer???? Een vriendelijk Polizei beambte (Ja, ze bestaan) stond ons te woord. ”Was ist loss?” Vroeg ik. “Ein routinecontrole” was het antwoord. “Führenschein und autopapiere Bitte” Alles was voorhanden en hij was content. Er werd nog even over Kühe und Kalber gesprochen waarna we onze weg weer mochten vervolgen.

Iets voor Nürnberg werd de autoweg verlaten en gingen we naar een camping in Erlangen. Daar werd het kampement snel opgezet en konden we daarna van een heerlijke schnitzel in de lokale Stube genieten. De avond was na het eten nog jong en daarom werd de zoektocht naar drie Geocaches gestart.

De eerste zou zich aan de andere zijde van de See die aan de camping grenst bevinden. De gehele omgeving in een bos werd door ons uitgekamd, maar de cache werd als zodanig niet gevonden. Om het toch niet te snel op te geven, werd de gehele omgeving nogmaals nagezocht, zonder resultaat. Er werden overigens voldoende plekjes geïnspecteerd die prima als cache verstopplaats  konden fungeren onderzocht, maar niets kon ons brengen tot het vinden van deze cache. Na een half uur zoeken besloten om cache nummer twee te gaan zoeken. Hiervoor moesten we naar de andere kant van het dorp. Nadat we tweemaal een slootjes overgesprongen hadden vonden we uiteindelijk de cache ergens in een bos. Deze bestond uit twee pijpjes die, met een tussenruimte van ongeveer twee meter uit elkaar, uit de grond staken. In een van de pijpjes zat het uiteinde van een tuinslang en in het andere pijpje zag ik op de bodem de contouren van een filmkokertje. Ik vroeg aan Jet of ze op de tuinslang wilde blazen maar het filmkokertje kwam nog geen centimeter omhoog. Volgens haar moesten we water gooien in de constructie om het kokertje te bemachtigen. Daar we geen water bij ons hadden en ook geen container om deze in te vervoeren besloten we om terug te lopen naar de camping en ons geluk de volgende dag te beproeven.

Teruggekomen op de camping werd er snel aanstalten gemaakt om van de nachtrust te gaan genieten. Na een korte zoektocht naar een zaklamp is er uiteindelijk genoegen genomen met een klein lantaarntje dat ik altijd in mijn zak bewaar speciaal voor de donkerste momenten.

Al lezende bleek ik langzaam naar de aarde af te dalen. Het euvel bleek in een langzaam leeglopend luchtbed te zitten. Jet heeft nog een poging ondernomen om het luchtbed weer op niveau te krijgen maar wederom in zo’n tien minuten tijd raakte onderdelen van mijn lichaam de koude ondergrond. Gelukkig waren er meer luchtbedden mee, dus heb ik mij teruggetrokken in de auto om enigszins geluidsisolerend op het late uur een luchtbed elektrisch op te pompen. Deze bleef gelukkig op niveau, alleen trok er toch een koude langzaam via mijn heupen richting mijn meer afgelegen gedeelte van mijn lichaam binnen. Inmiddels was ook Jet langzaam ter aarde afgedaald en werd het vierde en laatste  luchtbed in de strijd geworpen. Wederom opgesloten in het geluidsisolerende interieur van de auto werd het matras elektrisch opgepompt. Ook deze bleek van een beter komaf en bleef dus vol. Het enige minpuntje bleek dat het een twee persoons matras betrof. Daar we niet meer samen op een matras willen liggen daar ik met mijn overgewicht altijd win en Jet dus op een keihard matras ligt of wel iedere keer als ik mij omdraai wordt gelanceerd tot de eenzame hoogte van het tentdak, hebben we beide matrassen maar naast elkaar gelegd met het gevolg dat de tent geheel gevuld was met matras en er dus geen ruimte meer was voor de tassen. Geen probleem. Nu waren beide matrassen vol en voorzien van een extra fleece deken zodat de nacht zonder veel tussenpozen warm werd doorgebracht.